Ernst Lubitsch, één van Hollywoods topregisseurs, meester van de ‘sophisticated comedy’, begon zijn carrière begin vorige eeuw als komiek in de music halls en cabarets van Berlijn. Later sloot hij zich aan bij het gezelschap van Max Reinhardt en trad op in verschillende producties van het Deutsches Theater. Als filmacteur speelde Lubitsch de archetypische joodse ‘dumm-kopf’ in komedies die hij zelf ook regisseerde. In Die Austernprinzessin, zijn eerste echt geslaagde komedie, hekelt de meester op cynisch-burleske manier zowel nieuwe rijken als oude adel. De film heeft het groteske en karikaturale van het Duitse cabaret uit de Weimartijd. Alles draait rond de verwende dochter van een Amerikaanse ‘oesterkoning’ die een Pruisische aristocraat (een verarmde, maar dat weet ze niet) aan de haak wil slaan.