Federico Fellini had zeven lange films gemaakt en nog wat episodes die voor een halve doorgingen, toen hij in 1962 begon aan zijn opus 8½.
Mastroianni is de regisseur Guido, Fellini’s alter ego, die aan zichzelf begint te twijfelen: is hij een genie of een charlatan? Hij bezoekt een kuuroord om op krachten te komen. Maar van rust is geen sprake, want hij wordt voortdurend belaagd door zijn producer, zijn scenarist, zijn vrouw en zijn minnares, die hem op de huid zitten in verband met zijn nieuwe film. Honderden mensen wachten in de coulissen, maar Guido zit zonder inspiratie. Hij houdt intussen acteurs, paparazzi en fans met hun vervelende vragen op afstand, tussendoor wegmijmerend in fantasieën over het verleden, het heden en de toekomst.
8½ is allicht de bekendste film over het (niet-)maken van een film. Hij betekende een keerpunt in de carrière van Fellini die een persoonlijke crisis wist om te vormen tot een kunstwerk.